Skip to content
Op 17 november houdt Ronald Schilperoort een lezing over “Psychiatrie: iets heel gewoons?”
Voorafgaand daaraan zijn we eens met hem gaan praten
Waar ga je het met de bezoekers over hebben?

Ronald: We gaan het hebben over hoe gewoon psychiatrie is. We hebben allemaal weleens rare gedachten, angsten, achterdocht, dipjes. Het is dus eigenlijk heel normaal om eens uit het lood te staan. Als dat een alledaags gebeuren is, dan zouden we ook kunnen zoeken naar
alledaagse oplossingen. Het is dan eigenlijk wel bijzonder dat we alledaagse dingen in psychiatrisch taalgebruik uitdrukken. De psychiatrie heeft daarmee zijn intrede gedaan in de leefwereld van mensen en andersom: mensen hebben verwachtingen en hoop gekregen dat de psychiatrie een antwoord heeft op alledaags leed. De psychiatrie is het maatschappelijke instituut waar de samenleving zich naartoe wendt met vraagstukken over mentale ziekte en gezondheid, normaliteit en gekte. Het maakt onderdeel uit van een maatschappelijke dynamiek.

Wat is de aanleiding dat je hier op door bent gaan denken?

De psychiatrie worstelt al lange tijd met hardnekkige problemen rond dwang, normaliteit, legitimiteit etc. Een psychiatrie met eenzijdige focus op het brein als herberg van psychiatrische stoornissen is beperkt bruikbaar gebleken bij deze vraagstukken. Daarom zijn andere perspectieven op deze vraagstukken nodig om er verder mee te komen. Een van die
zienswijzen is de enactive theory. Daarin worden de 4 E’s besproken.

En wat zijn die 4 E’s waar je het over hebt?

Ik onderzoek de bijdrage die het denken vanuit de 4 E’s (embodied, embedded, enactive en extended, vertaald als “belichaamd,”, “ingebed” “totstandbrengend” en “uitgebreid”) kan hebben in het verder brengen van deze vraagstukken. In dit ingebed (enactive) perspectief ontwikkelt cognitie zich door de betekenis die aan de omgeving wordt toegekend ten aanzien van opbrengsten en bedreigingen voor het voortbestaan van het organisme. In dit proces beoordeelt het organisme de omgeving niet alleen met het brein: het hele organisme wordt ten volle ingezet om tot een beoordeling te komen, waarbij mogelijke opbrengsten en bedreigingen tegen elkaar worden afgewogen. Dit is een actief, enacted proces. Dat speelt zich niet alleen binnen het autonome individu af, maar is een ‘extended’ samenspel tussen actoren. Met de 4 E’s verlegt de aandacht zich van de causale factoren van, naar de bijdragende factoren aan mentale ontregelingen. Voor de psychiatrie betekent dit dat niet de vraag naar een diagnose (en bijbehorende behandeling) centraal staat, maar wat mensen nodig hebben om met elkaar verder te kunnen met hun problemen. Dat sluit aan bij het alledaagse leven van mensen en dus ook bij hun mogelijkheden om hiermee te dealen: hoe kunnen die worden benut en uitgebreid? Hoe kan de psychiatrie dienstbaar zijn aan dit proces? Daarmee is de rol als objectieve, beoordelende buitenstaander problematisch, omdat ook de psychiatrie deel uitmaakt van dit enactive samenspel tussen actoren.

Verder nog iets?

We zoeken niet naar een psychiatrie die de wijsheid in pacht heeft, maar die de eigen deskundigheid als gelijkwaardig aan die van de cliënt en zijn naasten inbrengt vanuit het idee van de filosoof Rorty: Waar is wat werkt. We zoeken niet naar universele, definitieve waarheden. Oplossingen zijn tijdelijk en context-afhankelijk.